Het is niet meer dan een speldenprik in de eindeloze oceaan. Een plek van slechts een paar voetbalvelden groot, waar de elementen vrij spel hebben. Toch is dit exact dé hotspot waar elk jaar, in februari en maart, één van de grootste concentraties orka’s van het Zuidelijk Halfrond samenkomt.

Geschreven door Leonard Boekee  /  December 2016
Met dank aan Bec Wellard en Dave Riggs

 

Om deze unieke plek te bereiken dien je eerst af te reizen naar het kleine plaatsje Bremer Bay, aan de westkust van Australië. Vandaar is het nog 50 kilometer varen, de onstuimige Indische Oceaan op. Net over de rand van het continentaal plat duikt de zeebodem steil naar beneden tot een diepte van 4,5 kilometer; de Bremer Canyon. Normaliter is de open oceaan een dunbevolkt gebied. Zeker als je het vergelijkt met de kustwateren die bruisen van het leven. Maar in februari en maart gebeurd er iets bijzonders in de Bremer Canyon.

 

Ontdekking van de hotspot
Filmproducent Dave Riggs weet nog goed dat hij in 2005 voor het eerst op deze plek kwam tijdens een onderzoek naar blauwvintonijn. “Er was hier ongewoon veel activiteit. Ik voelde dat er iets bijzonders met dit gebied aan de hand was.” Het onderzoeksteam stuit op grote scholen aasvis en tonijnen. Dolfijnen jagen achter de vis aan terwijl ze op hun beurt weer op moeten passen voor haaien van allerlei formaat. Potvissen rusten aan de oppervlakte uit na hun jacht op reuzeninktvissen in de diepte. Talloze zeevogels vliegen boven de hotspot, op zoek naar de restjes van het eetfestijn onder water. De eerste orka die Dave spot is een enorm mannetje van bijna 10 meter lang. En hij is niet alleen; al snel zwermen er veel meer nieuwsgierige orka’s rond de boot. Dave’s interesse voor deze unieke plek is gewekt. Zeker als blijkt dat dit fenomeen zich elk jaar, op dezelfde tijd en op ruwweg dezelfde locatie, herhaald. Ook A380, zoals de grote orkastier heel toepasselijk wordt genoemd, keert vrijwel ieder jaar met zijn familie terug naar de Bremer Canyon. Maar waarom eigenlijk? Riggs neemt zich voor om dit tot op de bodem uit te zoeken. En zover moet hij inderdaad gaan.

“De meest logische verklaring voor het ontstaan van de hotspot begint met het weglekken van hydrocarbonaten uit de olie- en gasvoorraden.”


Boost voor de voedselketen
Dave Riggs is overigens niet de enige. Ook oliemaatschappijen hebben hun oog laten vallen op de bewuste diepzeekloof. Onderzoeken bevestigen dat er veelbelovende olie- en gasbronnen onder de zeebodem liggen. Langaam vallen de puzzelstukjes op hun plaats. De meest logische verklaring voor het ontstaan van de hotspot begint met het weglekken van hydrocarbonaten (o.a. methaan, propaan en butaan) uit de olie- en gasvoorraden. Bacteriën zetten die stoffen om in nitraten, wat het favoriete voedsel is van phytoplankton. Krabben, garnalen en schelpdieren hebben zo genoeg voedsel om op grote diepte te kunnen leven. De biljoenen eitjes die deze diertjes produceren vormen de perfecte boost voor de voedselketen. Wanneer de oceaanstroming van november tot maart afzwakt, bereikt het voedselrijke water de oppervlakte. De scholen vis die daar op af komen trekken op hun beurt weer andere predatoren aan. Tonijnen, haaien, pijlinktvissen, dolfijnen en walvissen doen zich tegoed aan de plotselinge overvloed. En ook orka’s komen hun plek aan de top van de voedselketen opeisen.

 

Orka’s komen soms heel dicht bij de boot van Naturaliste Charters. (Foto: © Keith Lightbody/Bremer Canyon Project)

 

Bezoekers met geheimen
Waar ze vandaan komen is niet bekend. Tot nu toe zijn de orka’s alleen bij de hotspot gezien, nergens anders. In 2010 is er een DNA monster genomen van een overleden Bremer Canyon orka. Hiermee kon bevestigd worden dat het dier verwant was aan de Bigg’s orka’s die leven in Noordwest Amerika. Dave ziet ook geregeld orka’s die een gelige tint hebben. Dat kan het resultaat zijn van leven in algrijk, koud water in het zuiden. Maar een ambitieus project kan misschien meer duidelijkheid geven. Bec Wellard doet onderzoek naar de geluiden van orka’s in Australische wateren (lees hier meer). Zij ontdekte dat enkele calls van Bremer Canyon orka’s verrassend veel lijken op die van type-A orka’s bij Antarctica. Dat kan er op wijzen dat deze twee populaties aan elkaar verwant zijn en dat er mogelijk overlap is in leefgebied. „Er is nog zoveel te ontdekken. De komende jaren hopen we veel meer data te verzamelen zodat we familieverbanden, dialecten en leefgebieden beter in kaart kunnen brengen”. Waar de orka’s van Bremer Canyon de overige tien maanden rondzwemmen, blijft voorlopig nog een mysterie.

De orka’s bevinden zich in februari en maart natuurlijk niet altijd exact op de coordinaten van de hotspot maar ze blijven meestal wel binnen een straal van ongeveer 20 kilometer. Regelmatig patrouilleren groepjes orka’s langs de rand van het continentaal plat. Pods bestaan meestal uit 3 tot 10 dieren en worden, net als bij andere populaties, geleid door de matriarch. Soms komen deze groepen samen en tellen onderzoekers wel meer dan 100 dieren bij elkaar. Is de hotspot een jaarlijkse ontmoetingsplek om te socialisen en te paren? De seizoensgebonden voedselovervloed is een ideale mogelijkheid om andere pods te ontmoeten. Eén ding is zeker: dit is, tot nu toe, één van de grootste samenscholingen van orka’s op het zuidelijk halfrond.

“We kunnen geen platform bieden voor onderzoekers zonder de betalende klanten. Er gaat nu geen tijd verloren met het zoeken naar subsidies. Deze combinatie is uniek!”

Platform voor onderzoek
Sommige groepen zwemmen gehaast door het gebied – duidelijk op een missie. Anderen nemen uitgebreid de tijd om de boot van Naturaliste Charters goed te bekijken en mee te zwemmen in de boeggolven. Die nieuwsgierigheid is opvallend. Bec heeft wel een vermoeden hoe dat komt. „Er komen niet veel boten bij de Bremer Canyon; het is te ver uit de kust voor watersporters. Er zijn wel wat visserij-activiteiten en er loopt een scheepvaartroute door het gebied. Maar een boot vol enthousiaste mensen lokt de intelligente en nieuwsgierige orka’s blijkbaar naar zich toe.” Naturaliste Charters is de enige organisatie die trips naar de Bremer Canyon verzorgd. Samen met Dave Riggs namen zij het initiatief om toeristen en onderzoekers mee te nemen naar de hotspot. Dave: „We kunnen geen platform bieden voor onderzoekers zonder de betalende klanten. Er gaat nu geen tijd verloren met het zoeken naar subsidies. Deze combinatie is uniek!” De toeristen komen dankzij de biologen veel meer te weten over de dieren die in Bremer Canyon leven. En ze kunnen zelfs meehelpen met het fotograferen van de orka’s voor foto-identificatie. Tenminste, als ze niet gevloerd zijn door zeeziekte…

 

Split Tip (W A008) is een vriendelijke en nieuwsgierige bezoeker van de Bremer Canyon. (Foto: © Rebecca Wellard/CMST Curtin University)

Persoonlijkheden
De rugvin, het grijze zadel en de oogvlek zijn uniek bij iedere orka. Door deze kenmerken te fotograferen en in een database op te slaan, is te zien welke orka’s de hotspot bezoeken. Maar ook wanneer en met wie ze zwommen. Inmiddels is gebleken dat de meeste orka’s ieder jaar weer terugkeren. En de catalogus groeit elk seizoen aan met nieuwe vinnen. Na twee jaar onderzoek staat de teller al op 100 geïdentificeerde exemplaren Iedere orka krijgt zijn eigen code*. „Maar gelukkig geven we ze ook een naam”, verteld Bec. „Mijn favoriet is misschien wel Split Tip (W A008). De punt van haar rugvin is gespleten maar wat vooral opvalt is dat ze zo vriendelijk en nieuwsgierig is.” Wie ook opvalt is Paintball (W A029). Dit volwassen mannetje heeft zijn naam te danken aan een witte vlek op de rechterkant van zijn rugvin. Maar niemand is zo duidelijk te herkennen als Stumpy (W A044). Deze orka heeft namelijk geen rugvin meer. Misschien het gevolg van een verstrikking in vistuig. Gelukkig is in niets te merken dat Stumpy last heeft van de amputatie, hij of zij verkeerd in een blakende gezondheid. „Zo’n orka hotspot is natuurlijk een buitenkans voor een onderzoeker. Toch is het niet altijd even makkelijk om in weer en wind, met een pittige deining, orka’s te vinden en te fotograferen. Maar het zien en herkennen van deze prachtige, intelligente dieren is al het ongemak dubbel en dwars waard! Elke ontmoeting levert weer kleine stukjes nieuwe informatie op.”, vertelt Bec enthousiast.

(* Er zijn verschillende concurrerende ID-catalogi gemaakt door onderzoekers. In dit artikel volgen we de Western Australia versie)

 

Een orka eet van de resten van een maanvis in Bremer Canyon. (Foto: © Bremer Canyon Project)

Divers menu
Bijvoorbeeld: wat eten de orka’s hier eigenlijk? De eerste signalen wijzen op een heel divers menu. Het prille onderzoek levert nog geen bewijs voor het bestaan van ecotypen zoals de residents en bigg’s orka’s in Noordwest Amerika. De orka’s van Bremer Canyon lijken generalisten; ze jagen op zowel vis en als zeezoogdieren. Zo zagen onderzoekers dat een grote maanvis aan stukken werd gescheurd. Spitssnuitdolfijnen staan ook op het menu. Al verschillende malen werd er een aanval gedocumenteerd (details vind je hier). Na een heftige klopjacht wordt het uitgeputte en gewonde dier onder water geduwd totdat het verdrinkt en wordt opgegeten. “De dolfijn werd in een paar seconden letterlijk in stukken gescheurd. De orka’s leken wel een school piranha’s…”, verteld Dave over één van de jachtpartijen. Er zijn tot nu toe geen aanvallen bekend op andere walvissen en dolfijnen. Grote groepen luidruchtige grienden zwemmen soms paralel aan een groep orka’s. Op het noordelijk halfrond is vaak gezien dat grienden agressief gedrag vertonen en orka’s verjagen. Hier in Bremer Canyon lijkt dit niet het geval. Wel zwemmen de grote mannetjesgrienden tussen de orka’s en de vrouwtjes en jongen in. Blijkbaar vertrouwen ze hun zwart-witte neven niet helemaal. Dave ontdekte nog iets anders. “Naarmate het seizoen in april op zijn einde loopt hebben we gemerkt dat de grienden stiller worden en zich agressiever gedragen in de richting van de orka’s. Het lijkt erop dat met het veranderen van het seizoen ook de interactie tussen de soorten veranderd.”

 

Orka’s flankeren een spitssnuitdolfijn. De laatste aanval zal snel volgen . (Foto: © Rebecca Wellard/CMST Curtin University)

Eén keer is waargenomen dat orka’s zich tegoed doen aan een grote pijlinktvis. Maar het is niet duidelijk of pijlinktvissen regelmatig gegeten worden. Om de eetgewoonten beter te leren kennen is nog vele jaren onderzoek nodig. Het is voor de biologen moeilijk om bewijsmateriaal van prooidieren te verzamelen. De uitdaging is, om vanaf een wild bewegende boot, de resten van een feestmaal in het net te krijgen. Zeker omdat de talloze zeevogels de biologen meestal te snel af zijn. En onder water azen koperhaaien en blauwe haaien ook op een makkelijk maaltje. Het vermoeden bestaat dat de haaien de orka’s volgen om mee te profiteren van een succesvolle jachtpartij. Ze staan zelf waarschijnlijk niet op het menu van de orka’s.

alinealijn

Een fragment uit „The Search for the Oceans Super Predator”


Laat deze speciale plek met rust
Niemand kan ontkennen dat de Bremer hotspot een bijzonder natuurfenomeen is. Toch is alles nodig om ook de Australische regering ervan te overtuigen dat deze plek beschermd moet worden. Nu is het in principe nog mogelijk om er commercieel te vissen of zelfs naar olie te boren. Dave Riggs heeft in 2013 met zijn documentaire „The Search for the Oceans Super Predator” de hotspot in de schijnwerpers gezet. De documentaire gaat over de zoektocht naar het dier dat een witte haai in de Bremer Canyon te grazen heeft genomen. Ook de orka’s behoren tot de verdachten en de productie zit vol met fantastische beelden van deze superdolfijnen onder -en boven water. Regeringsfunctionarissen en mensen van de media worden door Dave meegenomen zodat ze het ‚wonder’ met eigen ogen kunnen zien. Maar ook dat is nog niet genoeg om de hotspot onderdeel te laten worden van een zeereservaat. De volgende stap is nu om de regering van keiharde onderzoeksresultaten te voorzien. Daar komen mensen zoals Bec Wellard om de hoek kijken. Met hun werk kunnen zij bewijzen dat dit vrijwel ongerepte gebied zo intact mogelijk moet blijven. De jonge biologe is er duidelijk over: „Als we de orka’s ieder jaar weer terug willen zien moeten we deze bijzondere plek met rust laten.”. De Bremer Canyon biedt een unieke kans om orka’s die normaliter ver buiten bereik van de mens leven te bestuderen. Ongetwijfeld gaan we nog veel van deze dieren horen.

 

Magische momenten in Bremer Canyon. (Foto: © Bremer Canyon Project)

Orka onderzoek in Australische wateren

Bec Wellard (Photo: © Rebecca Wellard/CMST Curtin University)

Er is tot nu toe maar beperkt onderzoek geweest naar de orka populaties in Australië. Dat komt omdat het heel moeilijk is om met conventionele onderzoeksmethoden de zeldzame en onvoorspelbare orka’s te bestuderen. Hoewel orka’s langs alle kusten van het continent gezien worden heeft men dus vaak geen idee hoeveel het er zijn en waar ze leven. Project ORCA (Orca Research & Conservation Australia), een initiatief van het Centre for Marine Science and Technology van Curtin University in Perth, gaat daar verandering in brengen. PhD-studente Bec Wellard en supervisor Dr. Christine Erbe verzamelen met behulp van foto-identificatie en geluidsopnames gegevens waarmee ze meer te weten kunnen komen. De geluiden nemen zij op met hydrofoons vanaf een boot maar ook door speciale geluidsrecorders op specifieke locaties op de zeebodem achter te laten. Na een periode van soms wel een jaar worden deze ‚noise loggers’ weer opgevist. Dan kan het verwerken van een enorme hoeveelheid data gaan beginnen. De Bremer Canyon is een perfect ‚lab’ om deze systemen te gebruiken. Maar ook op Ningaloo Reef, waar orka’s jagen op pasgeboren bultruggen, gebruikt Bec deze techniek. Meer informatie over het project kun je vinden op haar website en via Facebook

 

alinealijn

Lees verder:

Klik op de onderstaande afbeeldingen en ontdek meer informatie over Australische orka’s.

alinealijn

Wil je het met eigen ogen zien?

Naturaliste Charters brengt je naar de orka’s van Bremer Canyon.
Klik op het logo voor meer informatie.

Comments

comments